Hoe ik pruimenjam gemaakt heb van een meidoorn . . .

“Wat een schattig klein meidoorntje heb je daar.” Zei mijn buurvrouw.
“Oh, is het een meidoorn?” Ik had het me al afgevraagd. Mijn buurvrouw heeft iets met tuinen gestudeerd. Niet dat ze met tuinen werkt, maar ze heeft er wel verstand van. Meer dan ik in ieder geval. Ik had twee jaar geleden een grappig klein bloeiend stokje in mijn tuin aangetroffen, dat ondertussen al tot een grote bloeiende staak uitgegroeid. Nou, een meidoorn is niet verkeerd. Ik had net geleerd dat je de jonge blaadjes van de meidoorn kunt eten. En hoewel de besjes van de meidoorn niet echt lekker zouden smaken, zouden ook die eetbaar zijn.

Ondertussen heb ik wat van dat wildplukken uitgeprobeerd en ik denk da ze van veel planten bedoelen dat je ze kunt eten omdat je van het eten van een kilo van desbetreffende plant niet doodgaat. Maar ik vind het van de meeste planten al knap als je tien gram weg gekauwd krijgt.

pruimenboom

Ondertussen is de pruimenboom al aardig groot geworden. Dit jaar heeft ze een overvloed aan pruimen gegeven.”

“Wat is het?” vroeg een vriendin van me een paar
jaar later “een wilde pruim?” “Huh? Nee, een m . . .  ehm, nee, geen meidoorn.” Voor het eerst keek ik echt goed naar de blaadjes. Ondertussen wist ik wel hoe de blaadjes van een meidoorn eruit zagen, nou, absoluut NIET zo. Gek hoe blind je kunt zijn voor iets dat je toch iedere dag een paar keer ziet.
“Nee, duh, geen meidoorn. ’t Zou een pruim kunnen zijn. ’n Wilde pruim. Leuk.”

Wilde pruim

Ergens in het voorjaar staat ze in bloei, vorig jaar helaas maar erg kort, maar dit jaar bijna twee weken. Rond de tijd van Roos haar verjaardag bloeide ze. Prachtige witte kleine bloesem, “Moet je kijken Roos, zelfs de pruimenboom heeft zich voor jouw verjaardag versierd.” Het was gedurende die weken niet echt warm. Aangezien bijen pas boven de 15 graden Celsius gaan vliegen, had ik geen flauw idee of er dit jaar pruimen zouden komen.

Nou en of

pruimen

Een hele pan vol pruimen, goed voor een aantal potjes pruimenjam

Ik geloof dat ik ondertussen al negen kilo geraapt heb.

En toen kwam de volgende uitdaging. Wat ga ik doen met negen kilo pruimen? En dat terwijl ik druk, druk, druk ben. Aangezien we geen vriezer meer hebben en de ijskast nog altijd uit staat, moest ik wel snel iets doen.

Pruimenjam

Een aantal jaar geleden heb ik voor het eerst pruimenjam gemaakt. Mijn moeder had ik nog nooit jam zien maken, dus volgde ik heel nauwgezet het recept. Maar ik vond het wel vreemd. Eerst moest ik het fruit wegen, vervolgens moest ik even veel suiker toevoegen, de boel aan de kook brengen, de boel zeven en dan weer een tijdje laten koken alvorens het in potjes te doen . . .  Waarom niet eerst koken, dan de boel zeven (pitjes en velletjes eruit) en dan suiker toevoegen? Waarom suiker toevoegen aan velletjes en pitjes? Maar, ik heb me keurig aan het recept gehouden. Afwijken van de receptuur is voor gevorderden.
Mijn eerste pruimenjam werd beton. Pruimen beton. Later leerde ik dat steenvruchten (fruit met een harde grote pit) al rijk aan pectine zijn en daarom geen extra pectine in de suiker nodig hebben in de vorm van gelei suiker. Verwonderd vroeg ik me daarna af of de mensen die het desbetreffende kookboek geschreven hadden, zelf wel eens pruimenjam gemaakt hadden.

De pruimenjam erna heb ik met gewone suiker gemaakt. Het duurde maaaanden voordat de jam in de potjes alsnog stijf werd. Dus dat was het ook niet helemaal.

Maar goed, ik heb gisteren noodgedwongen opnieuw pruimenjam gemaakt. Met suiker. Ik wist niet precies hoeveel suiker. Ik had de gekookte en gezeefde pruimenmassa kunnen wegen en eenzelfde hoeveelheid suiker kunnen toevoegen, maar suiker is niet echt gezond. Ondertussen heb ik van anderen gehoord dat ze maar de helft aan suiker toevoegen. Dus heb ik maar geproefd. Eerst was het te zuur. Toen nog steeds te zuur. Toen schoot ik uit met de suikerpot en inderdaad, nu is het erg zoet. Maar wel erg lang houdbaar daardoor. En wat de dikte betreft . . . Ach, pruimen gelei is prima voor in een bordje pap.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *